Categorie archief: bijzondere voorwerpen

Opa en de zaklantaarn

63858_1_510_210_2Oproep: Johan Ekkel en ik zijn nu al weer een tijdje bezig met dit weblog en we hebben van onze volgers al veel leuke reacties mogen ontvangen. Het meest gelezen bericht is dat over ‘De merklap van Woltertje van der Snee uit 1853’ in de rubriek bijzondere voorwerpen. We willen graag meer van dit soort verhalen plaatsen waarin een bepaald ‘voorwerp’ centraal staat. Dat kan van alles zijn: bijvoorbeeld een oude hoed of een boek, maar ook een mooi beschreven herinnering aan een bepaalde plaats in huis of in Kampen is van harte welkom.

Johan zal binnenkort een foto maken van opa’s PTT-zaklantaarn die in onderstaand verhaal centraal staat. (Dit bericht betreft een aangepaste versie van het verhaal dat eerder op het weblog jonnvanzuthem is geplaatst.)

2000067Op de foto hiernaast onze opa Johan van Zuthem, tevreden rokend op het plaatsje achter zijn huis aan de Valkstraat 4 te Kampen. Dit is de man naar wie wij zijn vernoemd. Johan was een zachtaardige man, geen ruziemaker en zeker ook geen drinker. Hij was plichts- en gezagsgetrouw, zoals het mannenbroeders van zijn generatie betaamde.

Onze opa ging in 1944 als postbode werken voor de toen door de Duitse bezetters ‘verzelfstandigde’ PTT. Tot die tijd had Johan, die op 9 november 1897 in Kampen was geboren, de kost verdiend als sigarenmaker. Hij was dus al (bijna) 47 jaar toen hij deze opmerkelijke carrièreswitch maakte.

Voor Johan, die decennialang in vaak slecht geventileerde ruimtes lange werkdagen had gemaakt, ging er een wereld open. Als postbode werkte hij voortaan meestentijds in de buitenlucht en zat hij dagelijks op de fiets. Zijn nieuwe professie was alleen al om de lichaamsbeweging aanzienlijk gezonder dan het zittend fabriceren van sigaren.

Kort na de bevrijding, de PTT was inmiddels weer officieel een staatsbedrijf geworden, kreeg hij een nieuwe zaklantaarn. Postbodes moesten immers ook in het donker de namen en adressen op brieven en poststukken kunnen lezen. Nu waren zaklantaarns, zoals nagenoeg alle (luxe)goederen, na de oorlog schaars. Johan had er bij vergissing niet één, maar twee gekregen en had daarover tegen zijn leidinggevenden niets gezegd. Trots liet hij thuis de zaklantaarn zien die hij voor privédoeleinden wilde gebruiken. ‘Schaam ie oe niet?’ (of woorden van die strekking) was naar verluidt de reactie van zijn vrouw ‘Rieke’. Ook al had onze oma niets gezegd, haar blik alleen al zal boekdelen hebben gesproken.

Het zat hem toch niet lekker. ’s Avonds, toen het donker was, is hij met de zaklantaarn richting het Kamper postkantoor gelopen. Daar aangekomen heeft hij deze over de muur van de binnenplaats gegooid. Enigszins opgelucht keerde hij vervolgens huiswaarts.

Update: dit is de zaklantaarn die opa jarenlang heeft gebruikt om in het (schemer)donker de adressen op brieven en poststukken te kunnen lezen. De lamp die hij over de muur van de binnenplaats heeft gegooid, zal de val waarschijnlijk niet helemaal hebben overleefd. De zaklantaarn is tegenwoordig in het bezit van Johan Ekkel. Hij heeft ook de foto’s gemaakt.

DSCN1878DSCN1879

Het persoonsbewijs van Hendrik van Zuthem (1865-1944)

Op last van de Duitsers moesten vanaf april 1941 alle Nederlanders van 14 jaar en ouder een persoonsbewijs hebben. Het persoonsbewijs had op de voorkant een pasfoto met handtekening van de bezitter. De persoonsgegevens en een vingerafdruk stonden op de achterzijde. Hendrik, toen woonachtig aan de Driehuizerweg 9 in de gemeente Apeldoorn, moest uiteindelijk ook zo’n persoonsbewijs hebben. Onderstaand persoonsbewijs werd hem op 23 december 1941 verstrekt.

Hendrik1 Hendrik2

Deze bijdrage is geschreven door Johan Ekkel

De merklap van Woltertje van der Snee uit 1853

merklapEen ver familielid, Ans Meijlink, is nog in het bezit van een ingelijste antieke merklap die door Woltertje van der Snee in 1853 is gemaakt. Zoals jullie weten is Woltertje (1841-1927) getrouwd geweest met Harm Meijlink (1848-1908). Uit dit huwelijk werd onder anderen Annigje Meijlink (1873-1954) geboren, de latere vrouw van Hendrik van Zuthem (1865-1944). Wat is nu een merklap en wat heeft Woltertje geborduurd?

In vroeger tijden was het erg belangrijk dat meisjes en vrouwen goed met naald en draad overweg konden. Hun inspanningen sierden het huishoudlinnen en eventueel de klederdrachten. Het oefenen van het borduren werd veelal gedaan op een stuk linnen, de zogenoemde merklap. Een merklap toonde dan aan in hoeverre een meisje of een vrouw bekwaam was in deze vorm van huisvlijt.

Het maken van merklappen dateert al uit de 15e eeuw en was tot voor kort nog een regelmatig voorkomende bezigheid voor meisjes. De merklap was eigenlijk een oefenlap. Hiermee oefende de maakster met het maken van allerlei letters en motieven die later eventueel het huislinnen zouden sieren. In voltooide staat werden de merklappen beschouwd als een proeve van bekwaamheid van de maakster. Men lijstte ze vaak in en hing ze op. Zo is de merklap van Woltertje van der Snee ook bewaard gebleven en uiteindelijk ook in de familie gebleven.

In 1853, het jaar dat de merklap werd geborduurd, was Woltertje circa 12 jaar oud. Haar ouders, Aalt van der Snee (1811-1872) en Annigje Dekker (1815-1886), waren nog in leven. Van haar grootouders leefde alleen nog Evertjen Jans Veldhoen (ca 1775-1854), de moeder van haar vader. Naast het alfabet, een aantal letters en wat motieven zien wij op de merklap ook enkele initialen. “ADK” staat voor haar moeder Annigje Dekker. “AvdS” zijn de initialen van haar vader en vervolgens zien wij haar eigen initialen “WvdS”. Iets verder naar onder staan de initialen “WTS” en “EVH” (de “E” is beschadigd). “EVH” zijn de initialen van haar oma Evertjen Jans Veldhoen. Van wie de initialen “WTS” zijn is niet bekend. Indien de gehanteerde systematiek wordt doorgetrokken dan zou dit een persoon zijn met een voornaam die begint met een “W” en de achternaam zal dan moeten beginnen met een “T” en de volgende lettergreep met een “S”. In de nabije familie van Woltertje heeft niemand deze initialen. Bij het maken van een merklap was het ook niet ongebruikelijk om de initialen van een goede vriendin of een kennis te gebruiken. Ook de handlerares viel deze eer ook nog wel eens te beurt. Wie het weet, mag het zeggen.

Of Woltertje toen al kon lezen is niet bekend. De letters kunnen ook nageborduurd zijn. Kinderen gingen destijds wel naar school om te leren lezen. Dit gebeurde aan de hand van zogenaamde ABC-boekjes en Haneboekjes. Haneboekjes werden vanaf ongeveer 1750 tot ongeveer 1850 gebruikt op de lagere scholen. Op de eerste bladzijde stond altijd een haan afgebeeld, symbool voor ijver en werklust. Het boekje bestond uit 16 bladzijden en had een vaste volgorde. Allereerst het alfabet, gedrukt in een aantal verschillende lettertypen. Hieronder het gotische schrift, het lettertype waarin de bijbel gedrukt was. Vervolgens het Onze Vader en gebeden die bij de maaltijd werden gezegd (bron: Friese merklappen.nl). De haan, een veel gebruikt symbool op merklappen, zien wij ook weer terug in de merklap van Woltertje.

De levensboom, geflankeerd door twee figuren, is ook prominent aanwezig op de merklap van Woltertje. De levensboom symboliseert grootheid, kracht en bescherming voor mens en dier. Ook in het Bijbelse paradijsverhaal komt de boom des levens (wiens vruchten onsterfelijkheid verlenen) en de boom van de kennis van goed en kwaad (wiens verboden vruchten de zondeval ten gevolge had) voor. In de Openbaring van Johannes 2:7 staat: “die overwint, ik zal hem geven te eten van de boom des levens, die in het midden van het Paradijs Gods is.” (bron: Joke Visscher en Isabelle Contreau, Tijdloze merklapmotieven (Alphen aan de Rijn 2001)).

De overige door Woltertje gebruikte motieven zoals bloemen, bloemenmand en dergelijke zijn veelgebruikte motieven op merklappen.

Dit bericht is geschreven door Johan Ekkel